Ga naar inhoud

Waarom ondernemers de koninklijke handelsmissies naar Duitsland zo waarderen

Sinds koning Willem-Alexander in 2013 koning werd, heeft hij met koningin Máxima, bijna alle Duitse deelstaten met een handelsmissie bezocht. Met het bezoek aan Berlijn van 5 tot 7 juli zijn alle deelstaten afgevinkt. Deelnemers vertellen wat de koninklijke handelsmissies naar Duitsland hen oplevert.
Koningspaar

Ruim een jaar later dan gepland brengen koning Willem-Alexander en koningin Máxima van 5 tot en met 7 juli 2021 een staatsbezoek aan Duitsland. Met het bezoek aan de hoofdstad Berlijn is de cirkel rond. Hier begon in 2013 hun deelstaatreizenreeks om de banden tussen Duitsland en Nederland te verbeteren. In Berlijn ontmoet het koningspaar bondspresident Steinmeier en bondskanselier Merkel. Centrale thema’s zijn de samenwerking tussen beide landen rond politiek, economie, wetenschap en cultuur.

Tijdens de handelsmissies aan de deelstaten kwam er steevast een grote delegatie aan Nederlandse ondernemers mee in het koninklijke gevolg. Een bewuste strategie van het Koninklijk Huis om deuren te openen voor beide buurlanden. Het koningspaar evalueerde daarom met diverse ondernemers afgelopen week in een videovergadering hoe de werkbezoeken waren verlopen.

Duitslandnieuws blikt met een aantal deelnemers terug op de handelsmissies en kijkt vooruit naar het staatsbezoek.

‘Werkbezoeken creëren een wolk van positieve energie’

Baerte de Brey, Chief of International Operations van ElaadNL, het kennis- en innovatiecentrum rond smart charging en laadinfrastructuur in Nederland

Het is goed om te evalueren, vindt Baerte de Brey. “Wat ging er goed, wat kan er beter? Het houdt je kritisch.” Met ElaadNL zet hij zich in voor de laadinfrastructuur voor elektrisch rijden, iets waar Duitsland heel belangrijk voor is. “We kunnen dit niet zonder de auto-industrie, en dus kan je niet om Duitsland heen.  Het is dus logisch om te investeren in de Nederlands-Duitse relatie.”

Toch bleek dat niet eenvoudig. “Nederland is al lang bezig met laadpalen, in Duitsland was men nog bezig met het goed uitwerken van de plannen. Dan kom je niet overal zomaar binnen. Dan merk je pas hoe de staats- en werkbezoeken een enorm verschil maken. Ze creëren momentum, een wolk van positieve energie.” Ook het jaarlijks bezoeken van Duitsland bleek belangrijk. “Hierdoor lukte het om bestendige relaties op te bouwen.”

Als de koning de deur opent, ontstaan er kansen, merkte De Brey bij een ‘wat informele’ borrel voorafgaand aan het formele staatsbanket. “Ik raakte aan de praat met iemand die vertelde dat ze bij de gemeente München werkte. Later bleek ze de locoburgemeester te zijn!” Die informele ontmoeting bleek de opmaat voor vervolgstappen tussen Beierse en Nederlandse partijen. “Ik hoop dat dit staatsbezoek de aanzet is voor een nieuwe cyclus aan werkbezoeken. Er is nog zoveel te doen!”

De coronacrisis zette de rem op veel bilaterale contacten, zo ervoer De Brey. “Natuurlijk hebben we via videobellen wel contacten onderhouden. Maar we merkten wel dat innovatie en samenwerken toch echt beter gaat, wanneer je elkaar af en toe in levenden lijve ziet.” Hij heeft inmiddels zijn eerste fysieke afspraken in de agenda gezet. “In september gaan we naar autobeurs IAA in München en de meetings met NPM, het Nationale Plattform Zukunft der Mobilität staan al geboekt.”

‘Duitse klant heeft het nog altijd over de Nederlandse koning’

Dennis van Dijk, general manager Nijdra Group

Net als bij de handelsmissies, was het koningspaar ook bij de evaluatie inhoudelijk goed voorbereid, merkte Dennis van Dijk. “Wij zaten in de themaronde met ASML en Carl Zeiss SMT, toevallig zijn wij met beide in een vergevorderd gesprek over een verdere samenwerking. Dus dat is erg positief.”

Zo blikt hij ook terug op de werkbezoeken in Duitsland. “Het zijn loodzware dagen, het kost tijd en geld om mee te gaan, maar achteraf gezien zijn we er toch erg tevreden over.” Een koninklijk bezoek opent letterlijk en figuurlijk deuren bij potentiële klanten en organisaties, merkt Van Dijk. “Niet dat je daarna direct zaken kunt doen. Je moet je opgedane contacten goed onderhouden en geduld hebben. Maar tijdens het bezoek kom je wel de beslissers binnen relevante bedrijven tegen. Voor ons als toeleverancier erg waardevol.”

Van Dijk (op de rug) in gesprek met koning Willem-Alexander en de toenmalige ambassadeur in Erlangen in 2016.

Zo zat Van Dijk bij het banket in München tegenover een medewerker van Siemens uit Erlangen. “We hadden direct een goede band. Eerst dacht ik nog; hoe kan je samenwerken met zo’n industriereus waar ze op één afdeling al tienduizenden fte’s op de ontwikkelingsafdeling hebben, terwijl wij iets meer dan 100 mensen in dienst hebben?” Toch bleek het contact wat op te leveren. “Via die man zijn we in contact gekomen met een heel specifieke afdeling van Siemens Healthineers. We praten nu over enkele montageprojecten.”

De algemeen directeur van Nijdra Group herinnert zich nog hoe hij met een Duitse zakenrelatie stond na te praten aan een statafel, toen ineens ook de koning aanschoof voor een luchtig gesprek. “Mijn Duitse klant, die wij hadden uitgenodigd, heeft het er tot op de dag van vandaag nog over. Heel bijzonder!”

Van Dijk hoopt daarom ook dat de koninklijke werkbezoeken een vervolg krijgen. “Ja, we hebben een sterke band met Duitsland en met de deelstaten. Maar om die banden goed te houden, moeten we ze onderhouden. Dat moeten we als bedrijven zelf doen, maar de steun van de Nederlandse ambassade, de consulaten-generaal en de NBSO’s helpen enorm.”

Duitse en Nederlandse industrie Europees laten denken

Peter van Harten, ambassadeur Duitsland Smart Industry en directeur Isah GmbH

Het was natuurlijk een onmogelijke opgave om in ruim een uur acht werkbezoeken te bespreken en ook nog vooruit te blikken, zegt Peter van Harten, die bij veel werkbezoeken betrokken was. “We hebben met name gesproken over wat de bezoeken hebben teweeggebracht en wat we graag aan input en huiswerk aan het koningspaar willen meegeven. Dat werd in drie thema’s besproken: industrie, mobiliteit/energie en gezondheid.” De meeste kansen liggen in het zoeken naar dwarsverbanden tussen deze sectoren, vindt Van Harten. “De kracht in de samenwerking zit uiteindelijk in de crossovers tussen Smart Industry en de andere sectoren.”

Van Harten bewaart goede herinneringen aan het werkbezoek aan Saarland en Rijnland-Palts in 2018. “Dat was de officiële start van Smart Industry in Duitsland en de samenwerking met Plattform Industrie 4.0 en Smart Factory KL. Het was ook de start van vele andere initiatieven die daarna gevolgd zijn. Op vele fronten werken we nu samen.” Hierdoor wordt er in Duitsland nu met een nieuwe blik gekeken naar de Nederlandse hightechindustrie. “Waar Duitsland bij technologie en innovatie vaak vooral naar Japan, de Verenigde Staten, Zwitserland en Frankrijk kijkt, ziet men nu steeds meer ook Nederland als hightechspeler waar zaken zeer pragmatisch worden aangepakt.”

De koninklijke aandacht voor Duitsland bracht ook in Nederland zelf veel teweeg, zegt hij. “Het heeft ons nationale programma voor Smart Industry op een internationaal niveau gebracht. Wat dringend noodzakelijk is binnen Europa.”

Bij de ondertekening van de overeenkomsten in oktober 2018 vroeg koning Willem-Alexander of hij op de hoogte kon worden gehouden. “We konden hem nu 2,5 jaar later mooie resultaten presenteren. Er is een Nederlands-Duits Innovatie- en Technologiepact, diverse gemeenschappelijke projecten zijn opgezet en we werken samen aan de visie op de industrie in Europa. Dat klinkt misschien niet heel spannend, maar het zijn nu cruciale stappen in de samenwerking met Duitsland.”

Tijdens de evaluatie pleitte Van Harten voor meer Europese samenwerking. “Uiteindelijk hebben we dezelfde uitdagingen en is de autonomie van de industrie in Europa relevant. Nederland en Duitsland kunnen samen hierin een hele relevante rol spelen in de inzet van standaards, het efficiënt samenwerken in de keten en het delen van data, onder meer op basis van GAIA-X framework. Europa moet kijken waar het sterk is in het geopolitieke spectrum en zorgen dat we daar een voorsprong opbouwen. Dat betekent samenwerken en versnellen.”

Een belangrijk punt van zorg blijft het feit dat het mkb achterblijft bij de digitalisering, vertelt Van Harten. “We hebben dit jaar 10 jaar Industrie 4.0 gevierd, maar slechts een kleine groep (5-7%) loopt voorop en dat is niet voldoende om de volgende generatie van hightech equipment te kunnen blijven maken.” Daarom is hij heel blij met de samenwerking van Smart Factory EU en de Nederlands-Duitse Fieldlabs die kennis en ervaring uit de verschillende landen en regio’s bij elkaar brengen. “Maar Nederland en Duitsland moeten echt nog in gesprek hoe we ervoor zorgen dat we de mogelijkheden en kansen van technologie, maximaal met onze bedrijven gaan benutten.”

Koningspaar maakt meer los in Duitsland dan veel mensen doorhebben

Nicol van Hoof, directeur-eigenaar Van Hoof Groep

Het koningspaar was tijdens de evaluatie echt op zoek naar hoe zij toegevoegde waarde kunnen bieden, merkte Nicol van Hoof van Van Hoof Groep. “Natuurlijk was er plaats voor de succesverhalen, maar de insteek was het onderzoeken van hoe we de handelsrelatie nog beter kunnen maken.”

Zelf was Van Hoof in 2016 mee naar Beieren, waar het deels draaide om medische technologie. “Dat leverde misschien niet direct business voor ons op, ook omdat toen niet de passende propositie hadden. We zijn vooral toeleverancier voor machinebouwers, dat kunnen ook medische apparaten zijn. Maar daarmee horen we zelf nog niet direct tot de medische technologie.” Van Hoof Groep haalt inmiddels wel meer dan 30% van de omzet uit Duitsland.

Nicol van Hoof tijdens de video-evaluatie met het koningspaar. Foto: Van Hoof Groep

Van Hoof zag hoe goed het koningshuis mensen kan verbinden. “Ik merkte ook dat de Duitsers stiekem wel een beetje jaloers op ons zijn. Ze hebben daar veel fans.” Ze vergelijkt het een beetje met de sfeer rond het EK voetbal. “Er is een sterk oranjegevoel, het voelt bijna euforisch.” Naast dat ze contacten legde met Duitse bedrijven, ontmoette ze ook veel relevante Nederlandse partijen. “In die zien heeft het ook iets opgeleverd.”

In Beieren vroeg koningin Máxima hoe ze directeur was geworden van een metaalbedrijf. “Mijn antwoord was: Ach, mijn vader had geen zonen. Toen zei ze: dat komt in de beste families voor. Een leuk onderonsje.” De werkbezoeken doen volgens Van Hoof meer voor de handelsbetrekkingen met Duitsland, dan veel mensen weten. “Het koningspaar verbindt, ze maken wat los en daarmee creëren ze voor Nederland kansen. Ik waardeer hun inzet en ben trots dat ik heb mogen zien wat voor effect zo’n handelsmissie heeft.”

Overzicht koninklijke handelsmissies naar Duitsland

Nederlandse koningspaar bezoekt alle deelstaten van Duitsland

  • 2021: staatsbezoek naar Duitsland, inclusief een bezoek aan stadsdeelstaat Berlijn
  • 2020: staatsbezoek uitgesteld door de coronapandemie
  • 2019: Mecklenburg-Voor-Pommeren en Brandenburg en Bremen
  • 2018: Rijnland-Palts en Saarland
  • 2017: Saksen, Saksen-Anhalt en Thüringen
  • 2016: Beieren
  • 2015: Hamburg en Sleeswijk-Holstein
  • 2014: Noordrijn-Westfalen en Nedersaksen
  • 2013: Hessen en Baden-Württemberg (inclusief ‘Antrittsbesuch bij bondskanselier Merkel’)

Artikel door:

Duitslandnieuws beheert sinds 2013 de grootste Nederlandstalige community van mensen en bedrijven die zich zakelijk met Duitsland bezighouden. Met bijna 4.000 verhalen in 7 jaar tijd wist Duitslandnieuws een uniek netwerk aan partners en lezers op te bouwen.